Burke Litwin

Het Burke Litwin model is met zijn twaa­lf elementen behoorlijk gedetailleerd. Om ze te kunnen onthouden wil het helpen om de volgende ordeningsprincipes in de gaten te houden :

  • Het model van Burke-Litwin

    Het model van Burke-Litwin (klik om te vergroten)

    de middenkolom kunnen we letterlijk opvatten als de ruggengraat, dat wil zeggen als de kernlijn door het model. De linkerkolom bevat de ‘harde’ elementen, aan de rechterkant vinden we de ‘zachte’;

  • de bovenste vier elementen beslaan het niveau van de totale organisatie, de mid­delste vier hebben hun aanhaking bij het onderdeels– of afdelingsniveau, in de voorlaatste drie boven het element ‘prestaties’ ligt het accent op het individu (of wel de verzameling van individuen);
  • de bovenste vier elementen vormen de aangrijpingspunten voor integrale organisatieverandering. Dat zijn de zogenaamde transformationele variabelen. De overige worden wel transactionele variabelen genoemd: de onderlinge samenhang daartussen kan verfijnder worden afgestemd zonder dat de organisatie in haar wezen moet veranderen.

Overeenkomsten met het 7s model van McKinsey
Beide modellen gaan uit van het feit dat het ene element het andere beinvloedt. Het Burke Litwin model gaat ook uit van onderlinge verbanden en afhankelijkheden, net als in het 7s model. Het erkent echter ook externe omstandigheden en is gericht op prestaties .

Verschil met 7s Model
Het Burke Litwin model gaat uit van veranderingen. Een bedrijf is voortdurend van externe omgevingsfactoren afhankelijk en moet daar continu op inspelen om de positie in de markt te bewaren of te verbeteren. Waar het model van McKinsey uitgaat van een analyse van de interne elementen en hoe die elkaar beïnvloeden, kijkt het BL-model naar hoe VERANDERINGEN een rol spelen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de externe factoren eerst de bovenlaag beïnvloeden(de bovenste 4 elementen) welke op hun beurt de element daaronder weer moeten beïnvloeden.

Daarnaast hebben Burke & Litwin gebruik gemaakt van 5 extra elementen voor hun model. Externe ontwikkelingen en  individuele en organisatorische prestaties zijn hier twee van. Motivatie, werkklimaat hebben ook een plaats gekregen in het model. Het element Staff in het 7s model is in het BL-model geplists tussen aard van het leiderschap en Managementpraktijken en methoden.

Burke Litwin model
Burke Litwin is een organisatiediagnose en -analysemodel. Het schept een ‘gezond verstand’-structuur in de complexiteit van organisaties. Het model is gericht op prestaties en erkent externe invloeden. Belangrijke krachten in de organisatie krijgen een prominente plaats in het model. Het is de bedoeling om dominante verbanden en afhankelijkheden tussen aspecten te zien. Het model integreert een groot aantal organisatiekundige inzichten en studies. Het model laat het causaal verband tussen organisatiekenmerken zien. Niet alle elementen en verbanden behoeven voor een doorlichting relevant te zijn.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s